Inhoudsopgave

PIJPENKOPPEN

Overal waar in het verleden vuilstort heeft plaatsgevonden kan men o.a. pijpenkoppen vinden. Duizenden, verschillend van vorm en merk, zijn geliefd bij de vele verzamelaars. In Zwolle zijn zo goed als alle bekend zijnde types gevonden. Het is onmogelijk om alle gevonden pijpenkoppen afzonderlijk te vermelden. U ziet wel een selectie van bewerkte pijpenkoppen die op één plaats werden gevonden. Samen met Joke Appel werden deze, zeer mooi in reliëf uitgevoerde koppen, getekend. Ook de vormen en merken van alle In één beerput gevonden koppen zijn weergegeven.


De in de beerput gevonden pijpenkoppen.

De merken die voor datering belangrijk zijn komen meestal als hielmerk voor. Ook bijmerken, meestal stadswapens, (als plaats van herkomst) of ketelmerken waren vertegenwoordigd.
Op één na was op de pijpenkoppen het Goudse stadswapen (met meestal een S erboven) als bijmerk afgebeeld. De gekroonde G.M. had namelijk als bijmerk een wapenschild met een verticale balk. De S boven het Goudse wapen betekent de kwaliteit ‘slegte’ (gewone) pijpen. De gevonden pijpenkoppen waren rond 1740 -1750 in gebruik.

Opmerking 2010: Tijdens grondwerkzaamheden op het Eiland vond dhr. Nienhuis van het Oversticht een aantal opmerkelijke scherven. Nadat hij ze aan elkaar geplakt had bleek het om een pot te gaan waar ‘Goudse’ pijpen in werden gebakken. Deze Zwolse pijpenpot is tentoongesteld geweest in de tabakszaak van Henk Noordman in de Roggenstraat zoals in de krant van 3 februari 1983 te lezen was. In het Z.A.D. heb ik op blz. 174 een foto geplaatst met de tekst: ‘Zo gaat dat in Zwolle: op deze lege plek heeft jarenlang een huisje gestaan dat als monument te boek stond. Van de één op de andere dag was het verdwenen. Ook hier moest een stukje geschiedenis verdwijnen voor parkeergelegenheid. Als het ze uitkomt pronken onze bestuurders met hun historische stad, maar voor het grote geld wordt snel bezweken, Hopelijk zal na het verdwijnen van de parkeergelegenheid op de lege plek onderzoek gedaan (mogen) worden. Hier zijn namelijk onder andere de restanten te vinden van een pijpenbakkerij.’


Na het verschijnen van het Z.A.D. in 1989 zijn er opgravingen gedaan door de Stads archeologische dienst in die omgeving. Toch fijn dat ze mijn boek lezen maar ga dan ook graven op de door mij aangegeven plek. Nu werd na de opgraving een bericht door de archeoloog Clevis de wereld ingezonden dat er geen spoor van een pottenbakkerij gevonden was. Net als bij de door ons gevonden gang van het Klooster Windesheim presteert Clevis het om op een andere plek te gaan graven. Doet hij dat bewust om mijn vondsten en beweringen voor ZIJN publiek te ontkrachten? Vreemd doet het in ieder geval wel aan. Later, tijdens het bouwrijp maken voor het nieuwe winkelcentrum, toen er WEL sporen van de pottenbakkerij gevonden werden, had dat gegeven ook in de krant gezet moeten worden maar blijkbaar kwam hem dat niet uit!


Hier het artikel dat 3 februari 1983 in de krant te lezen was. Op de achtergrond de klokgevel van het chinees restaurant Tiën.

Nu is alles volgebouwd voor het winkelcentrum ‘Het Eiland’.