Dat steden in het westen ook een afwijkende last t.o.v. Amsterdam hadden en dat met gebruik van gegevens uit het koopmansboekje onder andere afwijkende zaken aan
het licht komen, kunt u, met een beetje geduld, hieronder lezen. De gegevens, die van vóór 1817 moeten zijn, en de uit 1800 daterende Zwolse maat, zullen hiervoor als
basis dienen. Ter Pelkwijk gebruikt in zijn tabel de Amsterdamse schepel van na 1808, terwijl het gegeven over de Zwolse schepel van 1800 moet zijn. Zevenboom heeft in
zijn boek “Bijdrage tot de kennis van de oude Amsterdamse graanmaat” gegevens uit 1800 vergeleken met die uit de “Tresoor, Schiedams verhuurboek” en uit het “Cooplieden
handbouaxkin” uit de 15e/I7e eeuw. Zodoende is bijlage II in zijn boek ontstaan. Beide laatstgenoemde auteurs hebben hun tabellen samengesteld met gegevens die uit
verschillende tijden stammen; hiermee simpele berekeningen te maken is niet terecht. Tieleman heeft een onderzoek gedaan naar de Valkenburgse Somer. Zijn beweringen zijn
ook gebaseerd op die foute berekeningen.De last had in naam dezelfde inhoud maar week in werkelijkheid af van dat van Amsterdam. Wanneer met de gegevens uit het koopmansboekje
verder wordt gerekend, dan ontstaan er soms bijzondere uitkomsten. Het in elkaar omrekenen van inhoudsmaten van verschillende steden doet de verschillen toenemen. |
|
 Afmetingen van het koopmansboekje: 95 x 72 x 17 mm |